|
|
Buitenplaatsen aan de Vecht, nieuwe rijken in de 17e & 18e eeuw Wegens succes wordt deze tentoonstelling uit 2008 voortgezet in de komende jaren. Het educatieve project is hieraan 'gekoppeld'.
Wie kent niet de prachtige buitens langs de rivier de Vecht, met een park eromheen en soms zelfs een koetshuis en theekoepel?. In de tentoonstelling “Buitenplaatsen aan de Vecht, nieuwe rijken in de 17e & 18e eeuw” in Museum Maarssen wordt de bezoeker 300 jaar mee terug genomen toen er in de Vechtstreek een haast aaneengesloten gordel van buitenhuizen en grote buitenplaatsen ontstond. Verspreid over een afstand van zo’n 40 km hebben er langs de Vecht bijna 200 gestaan, een concentratie die nergens anders in ons land voorkwam. In het museum zijn op een grote plattegrond een honderdtal van deze buitenplaatsen uit heden en verleden aangegeven.
Uitsnede uit ' Huis Luxemburg' , collectie Rijksmuseum Amsterdam Naast functionele moestuin en boomgaard werden weelderige tuinen aangelegd volgens de mode van die dagen, de classicistische stijl met strakke en symmetrische patronen en hoge, gladgeschoren hagen. Meestal hoorden bij een buitenplaats ook diverse bijgebouwen, zoals een koetshuis met stal, een oranjerie om ’s winters exotische planten in onder te brengen, een volière voor bijzondere vogels, een botenhuisje voor jachten waarmee pleziertochtjes over de Vecht werden gemaakt. Karakteristiek voor de Vechtstreek was de theekoepel met uitzicht op de rivier, waar de bewoners, pronkend met hun rijkdom, van kleine kopjes kostbare thee konden genieten. Binnen zag het er in de buitenplaatsen chic uit met fraai stucwerk aan muren en plafonds, goudleerbehang en marmer. In de 18de eeuw kwamen grote behangselschilderingen in de mode, waarvan een opvallend exemplaar in het museum te zien is.
Van verval tot wederopbouw Voor een aardig overzicht van buitenplaatsen zie bij Buitenplaatsen in Nederland
|